Klein Haarlems
liedboek II

(1970-1973)
 
bron: Tachtig teksten/1975


Tachtig teksten is uit de roulatie.


Teksten op internet gezet met toestemming van Lennaert Nijgh.
De copyrights blijven onverkort geldig.
Transcripties kunnen overname-fouten bevatten. Correcties zijn welkom.



bron: Tachtig teksten
transcriptie: Daniël

Music to jerk off by [Tachtig teksten]

De droomflat van de gastheer
heeft kamerbreed tapijt en goudkleurig behang,
kristal en echte etsen aan de muur
van de schilder die hij kent in dank
aanvaard voor drank.

Dit is de welvaart nietwaar,
 de welvaart nietwaar,
 de welvaart nietwaar?

De ochtend na het feest komt
met overgeven, zweven en staren uit het raam,
de voorstad kleurt daarbuiten als een film.
Antonioni neemt speciaal dit shot,
belicht door god.

En Buitenveldert is mooi,
 buitengewoon
 buitengewoon.

Heel langzaam achterover liggen,
handen op je buik, in een stoel
en dan komt het gevoel:
alles is voor niets geweest,
niemand die je kende op dit feest.
Ze waren zo oninteressant:
advertentiemensen uit reclameland.
Maar de morgen veegt zacht alles schoon
en Buitenveldert is buitengewoon.

Verbeeld je dat je hier was
in de armen van een lange en donkere godin
die het midden op dit zachte kleed
voor het open raam langdurig met je deed.

was dat niet buitengewoon
 niet buitengewoon
 niet buitengewoon?


Teksten op internet gezet met toestemming van Lennaert Nijgh.
De copyrights blijven onverkort geldig.
Transcripties kunnen overname-fouten bevatten. Correcties zijn welkom.



bron: Tachtig teksten
transcriptie: Daniël

Voor je me achterlaat

O ik ben vrij, het gaat geweldig,
ik heb geen hospita die stiekum op me let,
ik heb leuk werk waarin ik in opga,
al schuift het eigenlijk niet genoeg voor deze flat.
Maar nog wel zo dat ik een 2CV kan kopen
en als 'k dan zelf nog m'n kleren maak,
kan ik van m'n alimentatie net benzine kopen
en uitgaan doe ik toch al niet zo vaak.

Maar dit is geen antwoord op je vraag,
't is niet om jou, ik mag je graag,
toch heb ik liever dat je gaat,
dat ik alleen slaap, inderdaad,
toch heb ik liever dat je gaat
voor je me morgen achterlaat.

Ik ben geen tut, ik bij zelfstandig,
ik ben het type niet dat eerst verliefd moet zijn,
'k ben eigen baas in eigen lichaam,
ik wil het net zo graag als jij, 'k vind het net zo fijn,
nee, je moet niet denken dat ik koel ben,
of te geremd of zo, dat is het niet,
waarom denk je anders dat ik aan de pil ben -
maar ik heb geen moed meer voor verdriet.

Maar dit is geen antwoord op je vraag,
't is niet om jou, ik mag je graag,
toch heb ik liever dat je gaat,
dat ik alleen slaap, inderdaad,
toch heb ik liever dat je gaat
voor je me morgen achterlaat.

Nee, ik begrijp het: je bent eenzaam
en ik ben veel losse vrienden hier gehad,
ik zoek niet iemand die blijft kleven,
die vaste toestand ben 'k na alles heus wel zat.
Je ziet, ik ben er niet op tegen,
als ik het deed, kreeg ik echt geen spijt,
je zult het dus wel niet begrijpen.
ik vind het niet erg, als jij me dat verwijt.

Maar ik kan niet meer alleen zijn
en samen slapen doet geen pijn
maar ik heb liever dat je gaat,
ik heb liever dat je nu gaat,
maar ik heb liever dat je gaat
voordat het morgen wordt - en je me achterlaat.


Teksten op internet gezet met toestemming van Lennaert Nijgh.
De copyrights blijven onverkort geldig.
Transcripties kunnen overname-fouten bevatten. Correcties zijn welkom.



bron: Tachtig teksten
transcriptie: Wim / Daniël

Ik doe wat ik doe

Nou, doe je jas uit en warm maar eerst je handen,
want kouwe jatten aan me lijf, daar ril ik van,
het lijkt wel winter, 'k heb de kachel laten branden,
die regen hè, daar vind ik ook niks an.
Zeg wees 'ns lief, wil je niet effe langer blijven?
Dan leg je d'r gewoon een meier bij,
wees maar gerust, ik ben niet als die wijven
die veel beloven en niks doen, da's niks voor mij.
Nee, 't is niet druk, je bent vandaag de tweede,
ja, 't einde van de maand hè, altijd stil,
Nou ja, ik ben vandaag alweer tevreden,
vooral wanneer je nog wat extra's wil.
Weet je, 't komt vast van die sexboetieken,
ze geven d'r geld uit aan die smerigheid,
ze zijn de hele rotzooi aan 't verzieken,
en wat heb je nou aan zo'n papieren meid?

Ik doe wat ik doe
en vraag niet waarom,
ik doe wat ik doe
en misschien is dat dom,
maar ik vraag toch ook niet aan jou
waarom jij 't hier doet en niet bij je vrouw . . .
Kom nou, we doen wat we doen . . .

Ik heb m'n moeder laatst een reis cadeau gegeven,
anders had ze d'r eigen zuster nooit gezien,
die tien jaar terug naar Canada ging voor het leven,
ik mag die ziel nou eenmaal graag gelukkig zien
en met me zussie ben ik kleren weze kopen,
je had d'r moeten zien, die kleine meid,
ik hoop niet, dat zij net als ik er in zal lopen,
want kerels, da's niks als rottigheid.
Me vader? Die heeft zich nooit wat angetrokken,
die weet geloof ik niet dat ie een dochter heb,
die is altijd aangeweest achter de meiderokken
en dat vader zijn is geloof ik ook maar nep.
Laatst kwam zo'n juffrouw met sociale kreten,
want ons gezin is een probleem, zoals dat heet,
nou die hebben we twee trappen afgesmeten,
ik laat me ouders niet beledigen door zo'n stuk sekreet.

Ik doe wat ik doe
en vraag niet waarom,
ik doe wat ik doe
en misschien is dat dom,
maar ik vraag toch ook niet aan jou
waarom jij 't hier doet en niet bij je vrouw . . .
Ach kom nou, we doen wat we doen . . .

Nee, ik wil echt niet op de centen kijken,
maar wees 's tof, we leven maar één keer,
wat wil je? Op z'n Frans, of plaatjes kijken?
Toe kom maar hier en geniet maar 's een keer.
Nee, buitenlanders zou ik nooit binnenlaten,
voor je het weet haal je je narigheden an,
ik heb niks tegen ze, maar je ken er niet mee praten,
dat heb je met zo'n tiep, d'r komt gelazer van.
Dan moet ik weer denken aan dat meisje, 't was zo'n blonde,
die stond altijd bij 't Museum tegen 't hek,
die hebben ze op d'r kamertje gevonden,
hardstikke dood, met d'r eigen kousen om d'r nek.
Ik heb nog steeds van die akelige dromen,
ik ben die narigheden ergens nog niet kwijt.
Moet je al gaan? Je moet beslist weer 's komen,
bij mij vind je, niet duur, gezelligheid.

Ik doe wat ik doe
en vraag niet waarom,
ik doe wat ik doe
en misschien is dat dom,
maar ik vraag toch ook niet aan jou
waarom jij 't hier doet en niet bij je vrouw . . .
Ach kom nou, we doen wat we doen . . .


Teksten op internet gezet met toestemming van Lennaert Nijgh.
De copyrights blijven onverkort geldig.
Transcripties kunnen overname-fouten bevatten. Correcties zijn welkom.



bron: Tachtig teksten
transcriptie: Daniël

Urk

Urker Vissersmonument
 . . . velen in zee gebleven,
hier staan ze ingeschreven
en wordt aan hen gedacht.
tekst Urker Vissersmonument

Een Hollands dorp onder een leeggewaaide hemel,
de haven ligt verlaten, de kotters zijn naar zee
en door de Dorpsstraat gaan twee vrouwen, in gedachten:
brengt deze najaarszon geen stormweer met zich mee?
De jongste draagt een regenjas, een beetje uit de mode,
de oudste nog de klederdracht, in statig zwart en grauw,
want 't zijden keurs in bonte warme kleuren
is lang vervangen door het donkere van de rouw.
Ze praten over heel gewone dingen,
de kinderen, de was, hun eigen huis
en zwijgen over dat, waar ze aan denken:
m'n zoon, mijn man komt vrijdagochtend thuis.

Wenden wij de steven naar de haven,
hoop dan en geloof: wij keren weer,
daar, waar zij die achterbleven wachten,
in 't mooiste dorp van heel het IJsselmeer.

De wind rukt aan steeds meer antennemasten,
want ondanks 't fulmineren van de dominee
was toch de opmars van de beeldbuis niet te stuiten,
wat moet een vrouw alleen thuis, met al het volk op zee?
Je hoort ze wel eens op de visserijband:
een ver en dikwijls onverstaanbaar koor,
maar dichterbij, vanuit de Bocht en de Breeveertien,
daar komen soms bekende stemmen door.
Twee vrouwen blijven stilstaan bij een winkel,
de dochter peinst hardop wat zij graag eet,
de moeder denkt in stilte terug aan vroeger,
aan iemand wiens gezicht ze nooit vergeet.

Wenden wij de steven naar de haven,
hoop dan en geloof: wij keren weer,
daar, waar zij die achterbleven wachten,
in 't mooiste dorp van heel het IJssselmeer.

Twee vrouwen staan te kijken bij het water,
aan 't einde van de Dorpsstraat, bij 't vissersmonument,
de marmeren platen met de lange lijst van namen,
zij lezen niet, zij hebben ze gekend.
Och, deze zee is immers afgesloten
en zoals vroeger kan ie niet tekeer meer gaan . . .
toch is hier nog een paar jaar geleden
de 204 met man en muis vergaan.
Twee vrouwen kijken zwijgend naar de toren,
misschien hangt aan de mast de zwarte bal
en jaagt 's nachts de noordwester over 't eiland
en staan er koppen in de Urker Val.

Wenden wij de steven naar de haven,
hoop dan en geloof: wij keren weer,
daar, waar zij die achterbleven wachten,
in 't mooiste dorp van heel het IJssselmeer.


Teksten op internet gezet met toestemming van Lennaert Nijgh.
De copyrights blijven onverkort geldig.
Transcripties kunnen overname-fouten bevatten. Correcties zijn welkom.



bron: Tachtig teksten
transcriptie: Daniël

Een wonderkind van vijftig

Halbo C. Kool (1907-1968),  Erven Manuel van Loggem Toen ie in de jaren dertig debuteerde,
een bleek Titaantje in zo'n veel te wijde broek,
wiens tere poëzie de crisistijd trotseerde,
naar hoger idealen en menselijkheid op zoek,
toen werd zijn werk geroemd van alle kanten,
op zo'n talent had men nu jarenlang gewacht,
hij zag zijn naam opeens gedrukt in alle kranten,
ze vonden hem nog beter dan ie zelf ooit had gedacht.
De mandarijnen maakten ruzie in hun blaadjes
en elk van hen had hem het eerst ontdekt,
hij werd het middelpunt van culturele praatjes
en al was hij pas begonnen, de verwachting was gewekt.

Want een wonderkind van twintig
da's altijd een goed begin,
ja, die jongen kan wat worden,
ja daar zit nog heel wat in.

Maar ja, van kunst alleen kan niemand leven,
dus het werd een baantje bij een grote krant
en wat ie verder van z'n leven heeft geschreven
hield met z'n idealen geen verband.
't Was de bezetting die z'n vuur weer deed ontwaken,
hij wou de ondergrondse in als held,
hij zou de vijand wel eens goed weten te raken
met de bezieling van z'n literair geweld.
Het concentratiekamp kwam hij nog wel te boven,
maar idealen had ie daarna toch niet meer,
want alles waar ie ooit in kon geloven
was verpletterd met de kolf van een geweer.

En een wonderkind van veertig,
da's altijd een naar geval,
dat misschien eens iets kon worden,
maar dat niks meer worden zal.

Ach, hij deed nog wel een keertje een vertaling
of zoiets, waarvoor ie nauwelijks werd betaald,
maar zijn debuut was niet meer vatbaar voor herhaling
en naar z'n nieuwe werk werd door geen mens getaald.
Hij heeft nog jaren eenzaam drinkend zitten wachten
in een hoekje van de kunstenaarssocieteit,
waar de jongens nauwelijks om z'n grappen lachten,
maar een borrel kon ie altijd aan ze kwijt.
Ze hebben 'm op z'n kamertje gevonden
met een briefje aan z'n kinderen in z'n hand
en toen schreven ze dat ze 'm waarderen konden
en hij kreeg een stukkie in Vrij Nederland.

Maar een wonderkind van vijftig
da's een akelig gezicht,
en om konsekwent te blijven
deed ie zelf 't doek maar dicht.

[Voor informatie over Halbo C. Kool, zie "http://www.dbnl.org/auteurs/auteur.php3?id=kool003"
en "http://www.poeziemarathon.nl/dichters/kool.html".]


Teksten op internet gezet met toestemming van Lennaert Nijgh.
De copyrights blijven onverkort geldig.
Transcripties kunnen overname-fouten bevatten. Correcties zijn welkom.



bron: Tachtig teksten
transcriptie: Wim / Daniël

Macht komt uit de loop van een geweer

Mao 1974, 
door Andy Warhol
Het Brits imperium, al bijna overleden
stuiptrekt het laatst in het noord-Ierse land,
waar ouderwets en christelijk wordt gestreden,
al gaat die wilde haat ons boven het verstand.
Maar dacht je soms dat ingezonden stukken,
vergaderingen, actiecommitees,
de harde houten koppen deden bukken
van militante Ierse dominees?
Kabouters om de zaken recht te toveren,
daarin geloven zelfs de Ieren al niet meer,
met hippe lieverds kun je 't Vondelpark veroveren,
maar macht komt uit de loop van een geweer.

Is Israël soms een vrije staat gebleven
door 't sussend praten van meneer Oe Thant?
En is Amerika soms uit Vietnam verdreven
door 't hoofdartikel in Vrij Nederland?
Zijn al die doden daar in Pakistan gevallen
omdat men ze flink toegesproken had?
We kunnen veel en heftig praten met z'n allen,
maar praatjes vullen nooit een kogelgat.
En waar is Gandhi, waar is Luther King gebleven?
De geest van onze tijd is niet geweldloos meer,
een schot maakte een einde aan hun leven,
want macht komt uit de loop van een geweer.

Ga liedjes zingen, ga uit demonstreren,
ga staken, trap een rel, bezet een pand,
laat kamerleden heftig protesteren,
drop out, of steek jezelf in brand
en spuit en rook en roep dat het je recht is,
beschilder alle muren, schrijf een boek,
maar weet wel dat geen oorlog ooit beslecht is
door schreeuwers in grijs pak of spijkerbroek.
En geen tiran, die op de loop gaat voor pamfletten,
geen dure woorden slaan een opstand neer,
geen stadsmuur die nog omvalt door trompetten,
want macht komt uit de loop van een geweer.

Envooi

Voorzitter Mao, nu uw land erkend is,
verschrikt u niemand met uw harde leer
in dit gezelschap dat al eeuwenlang gewend is:
macht komt uit de loop van een geweer.


Teksten op internet gezet met toestemming van Lennaert Nijgh.
De copyrights blijven onverkort geldig.
Transcripties kunnen overname-fouten bevatten. Correcties zijn welkom.



bron: Tachtig teksten
transcriptie: Wim / Daniël

Ballade of klacht van een dertigjarige idealist

Karl Marx (1818-1883)
De discotheken lokken met gekleurde namen
en brullen decibellen tophits in de nacht,
de hippe modespin weeft webben van reclame
en lokt de jeugd met al haar dure pracht,
terwijl de eigenaar bij 't geldgerinkel lacht.
De jonge mensen van vijftien, zestien jaar,
ze hangen vetgemest van welvaart aan elkaar,
is dit de toekomst waaraan wij vroeger dachten?
All you need is love - vergeet het maar,
een nieuwe lichting klootjesvolk staat ons te wachten.

Wij waren dan misschien te snel met knokken,
als vetkuif van weleer had je geweld
als enig middel om verandering uit te lokken,
de zinloosheid waardoor je werd gekweld,
verkocht aan 't kapitaal voor weinig geld.
We werden ouder en we leerden inderdaad:
alleen ideologie geeft resultaat,
de revolutie bundelt alle jonge krachten!
Maar kijk, die namaakhippies daar op straat:
een nieuwe lichting klootjesvolk staat ons te wachten.

Heb ik soms voor Jan Lul een maand gezeten,
ben ik voor noppes afgetuigd door Oom Agent?
Is iedereen die wilde tijd alweer vergeten?
En provo, was dat soms een modetrend
en 't vormen van een actiecommitee,
was dat soms "in", liep ik alleen maar mee?
En kijk, het kapitaal, dat wij verachtten,
het past zich aalglad aan bij ons idee:
een nieuwe lichting klootjesvolk staat ons te wachten.

Envooi

Prins Marx, ook wij hebben gefaald,
wij die naief genoeg aan jeugd en toekomst dachten.
De hippe hoeren worden grif betaald,
een nieuwe lichting klootjesvolk staat ons te wachten.


Teksten op internet gezet met toestemming van Lennaert Nijgh.
De copyrights blijven onverkort geldig.
Transcripties kunnen overname-fouten bevatten. Correcties zijn welkom.



bron: Tachtig teksten
transcriptie: Daniël

De nacht

Kom, zwerf met mij door de nacht,
kom, dans met mij door de nacht,
als een mot om een vlam.
Ik ben zo alleen,
verdwaald in de nacht,
een meisje dat huilt
met een masker dat lacht.

's Avonds in de straten gaan de lichten aan
en even later gaan de mensen uit,
snel ergens naartoe, snel ergens vandaan,
't geluk ligt altijd ergens voor ze uit.
Vergeefs een uitvlucht zoeken en niet weten waar,
even iets gaan drinken op de hoek,
vergeefs een beetje lachen, zitten voelen aan elkaar,
als blinden naar een soortgenoot op zoek.

's Avonds laat de stad in hollen met een bloedend hart,
en weten dat je daar toch niets mee wint,
maar thuis dan ben je eenzaam, wanhopig en verward,
je vlucht naar buiten als de nacht begint.
Vergeefs een tijdje prutsen aan een flipperautomaat,
meer geld kwijtraken dan je wilt,
je probeert de bal te volgen, maar steeds ben je te laat
en even later sta je zelf op TILT.

Jezelf beloven niet meer met die jongen mee te gaan,
want wat je denkt en voelt, dat laat hem koud,
en 's morgens ga je toch weer met veel spijt bij hem vandaan,
je hoopt dat ie z'n mond maar houdt.
Vergeefs en toch nog koppig sta je buiten, moet naar bed,
je kijkt naar boven op het plein,
de toren vangt het eerste licht, je gaat weer naar je flat,
misschien zal 't morgen beter zijn.

Kom, zwerf met mij door de nacht,
kom, dans met mij door de nacht,
als een mot om een vlam.
Ik ben zo alleen,
verdwaald in de nacht,
een meisje dat huilt
met een masker dat lacht.


Teksten op internet gezet met toestemming van Lennaert Nijgh.
De copyrights blijven onverkort geldig.
Transcripties kunnen overname-fouten bevatten. Correcties zijn welkom.




Gegenereerd door DVEGEN 3.2 op 2004-10-09
email